Vereniging

Karate kun je op veel verschillende manieren trainen. Het karate is ontzettend breed en bestaat uit verschillende facetten. Het meest bekend is het wedstrijdkarate. Je kunt karate beoefenen om ons zo effectief mogelijk te leren verdedigen tegen lichamelijk geweld of om gecontroleerd geweld toe te passen: bijvoorbeeld bij de politie. Je kunt het trainen als een vorm van lichaamsbeweging en je kunt het trainen om het do-principe. Het Japanse woord do, heeft dezelfde betekenis als het Chinese tao en betekent de weg. Dit begrip ligt diep verankerd in de Oosterse filosofie.

Karatevereniging Kanshu-Do heeft zich als doel gesteld het karate op een traditionele manier te trainen. Dit houdt in dat het hele scala van technieken getraind wordt en het verder een verweving is van de hiervoor genoemde punten, waarin het do-principe belangrijk is. Dit is de reden waarom we waarde gehechten aan de etiquette, zoals het groeten van de trainingsruimte en het groeten van je tegenstander. Vanwege deze ideeën noemen we het liever een vechtkunst dan een vechtsport. Dit betekent echter niet dat er geen wedstrijden gehouden of bezocht worden. Dit zou het karate onvolmaakt maken, omdat in een wedstrijd het reële gevecht enigszins benaderd wordt. De ervaring opgedaan in de wedstrijden vormt een goede basis voor de verdere ontwikkeling binnen het karate.

Training
De training begint altijd met een kort moment van meditatie. Hiervoor groeten we eerst en gaan dan op de knieën zitten en overdenken we met gesloten ogen de komende training. Na de meditatie beginnen we eerst met een warming-up. Dit is feitelijk je fysiek klaarmaken voor de training en ontzettend belangrijk als blessurepreventie. Hierbij maak je spelenderwijs je spieren warm, je hartslag wordt sneller en je komt langzaam in het ritme voor de training. Bij de warming-up wordt veel aandacht geschonken aan het rekken van de spieren en pezen. Dit niet alleen omdat het voordelig is als je redelijk lenig bent, maar zeker ook om verrekkingen en scheuringen van spieren en pezen te voorkomen. Na de warming-up begint de eigenlijke training.

De trainingen bestaan uit drie traditionele basisgroepen: het kihon, kata en kumite. Deze kunnen in verschillende vormen getraind worden. Het kihon is het aanleren van de diverse bewegingen, van stoot tot stand. We beginnen door iedere beweging afzonderlijk aan te leren en gaan dan over tot het combineren van deze bewegingen. Belangrijk en moeilijk hierbij is, de vaak tegengestelde bewegingen te coördineren en bewust uit te voeren. Later worden pas kracht en snelheid belangrijk.

Het kata is een schijngevecht tegen vier of meer tegenstanders volgens een voorgeschreven patroon en volgens een oude traditie. In het Shotokan-karate kennen we 26 kata’s, elkaar opvolgend in moeilijkheidsgraad. Voor een leek lijkt een kata net een dans, een aaneenschakeling van bewegingen. Het kata is echter veel meer; de technieken getraind in het kion worden hierbij op verschillende manieren gebruikt, waarbij kracht en snelheid steeds belangrijker worden. In een vergevorderd stadium moet men de kata steeds meer gaan ervaren als een reëel gevecht.

Bij het kumite maken we gebruik van echte tegenstanders. Hierbij worden de technieken, getraind in kion en kata, geoefend met partner. Men kan hier zelf leren ervaren hoe goed of slecht zijn of haar afweer- of aanvaltechnieken zijn. Men begint eerst met enkele technieken, die later uitbebouwd worden naar combinaties, waaruit uiteindelijk het vrije gevecht ontstaat. In het kumite leer je een reële aanval en afweer te maken, op verschillende situaties te reageren. De reflexen en timing worden getraind, evenals het leren kijken naar je tegenstanders, zodat je tijdig ziet wat hij of zij gaat doen en dan daarop kunt reageren.

Na iedere training volgt een cooling-down, die bestaat uit het weer spelenderwijs afbouwen van de training en het rekken van spieren en pezen.